Praktische gids 01

Basisbediening reinigingsmachines

Een consequente start- en stoproutine helpt operators om veilig te werken, een gelijkmatig reinigingsresultaat te behalen en onnodige slijtage te voorkomen.

01

Controle vóór het starten

Loop eerst rond de machine en controleer of borstels, zuigrubbers, slangen en veiligheidsdelen correct gemonteerd zijn. Kijk ook of de tanks schoon zijn en de batterij voldoende geladen is.

  • Controleer zichtbare schade en lekkage
  • Verwijder losse voorwerpen uit de werkzone
  • Gebruik het juiste reinigingsmiddel en doseerniveau
02

Machine correct instellen

Selecteer een werkprogramma dat past bij de vloer, de mate van vervuiling en de beschikbare droogtijd. Begin met een gematigde waterdosering en borsteldruk en verhoog alleen wanneer het resultaat daarom vraagt.

  • Stel rijsnelheid af op de vervuiling
  • Voorkom overmatige water- of chemicaliëndosering
  • Controleer of de zuigmond volledig contact maakt
03

Efficiënt en veilig reinigen

Werk in rustige, overlappende banen en houd voldoende afstand van rekken, deuren en voetgangers. Vermijd scherpe stuurbewegingen met het borsteldek omlaag en let op veranderende vloercondities.

  • Plan een logische route zonder onnodige keerpunten
  • Laat natte zones niet onbeheerd achter
  • Stop bij afwijkend geluid, trillingen of foutmeldingen
04

Afsluiten na gebruik

Leeg en spoel de vuilwatertank, reinig filters en zuigrubbers en zet de machine op de aangewezen laadplaats. Meld schade of verminderde prestaties direct, zodat kleine problemen niet uitgroeien tot stilstand.

  • Spoel tanks en afvoerslang
  • Reinig borstels, pads en zuigrubbers
  • Laad volgens de batterij-instructies
26 jaar ervaringFamiliebedrijf met vakkennis
Service in eigen werkplaatsMechanica, elektronica en R&D
Direct leverbaarNieuwe en gereviseerde voorraad