Bereid de omgeving voor
Verwijder tijdelijke obstakels, controleer vloer en doorgangen en bepaal een vaste plaats voor laden of automatisch docken. Zorg dat medewerkers weten dat de eerste testritten plaatsvinden.
- Meet smalle doorgangen en draaizones
- Markeer vaste verboden zones
- Controleer draadloze dekking indien vereist
Activeer en controleer de basisinstellingen
Doorloop de ingebruikname volgens de leveranciersinstructies. Controleer taal, tijd, gebruikersrechten, laadstatus, veiligheidsfuncties en beschikbare softwareversie voordat een kaart wordt aangemaakt.
- Bevestig noodstop en veiligheidssensoren
- Controleer datum, tijd en gebruikersprofiel
- Noteer serienummer en configuratieversie
Maak en test de eerste route
Begin in een afgebakende, representatieve zone. Laat de robot de omgeving leren of begeleid de route en controleer daarna bochten, obstakelreacties, randafstand en dekking.
- Start met één eenvoudige werkzone
- Observeer kruisingen en dynamische obstakels
- Controleer gemiste stroken en overlap
Draag over aan het team
Leg vast wie routes mag starten, aanpassen of stoppen. Train medewerkers in dagelijkse controle, foutmeldingen, handmatige verplaatsing en het veilig vrijmaken van een geblokkeerde robot.
- Wijs verantwoordelijke operators aan
- Bespreek meldingen en escalatie
- Plan evaluatie na de eerste bedrijfsweek